Robèrt van Beckhoven, bakker van het volk

Ton Oostveen

De bekendste bakker van Nederland heet ongetwijfeld Robèrt.
Ik zag hem voor het eerst in 2013 tijdens de succesvolle televisie uitzending ‘Heel Holland bakt’. De jury van dit programma bestaat uit Robèrt van Beckhoven en culinair journaliste Janny van der Heijden.
Robèrt viel mij op: een goed verzorgde man die autoriteit uitstraalde. Gestoeld op jarenlange ervaring en kennis, vermoedde ik. Nou heb ikzelf niet zoveel met autoriteit, maar toen Robèrt zijn oordeel moest geven over baksels die duidelijk mislukt waren, vond ik dat hij dit deed met veel empathie voor de betreffende kandidaat. Hij kon zich kennelijk goed voorstellen dat het niet leuk was om commentaar te krijgen over een baksel waar je veel energie in hebt gestopt, maar toch niet geworden was wat de bedoeling moest zijn: een misbaksel …

Robèrt van Beckhoven is geboren en getogen in Oisterwijk, een echte Brabander. En dat is mijn beste vriendin ook! Na jarenlang gewerkt en gewoond te hebben in Nieuwegein, besloot zij een jaar geleden terug te keren naar haar geboortedorp. “Ton, als je de volgende keer op bezoek komt wil ik graag met jou een paar broden kopen bij Robèrt die hier op een hele bijzondere plek zijn bakkerij en lunchroom heeft”. Ik ben op haar uitnodiging in gegaan en reed op een druilerige dag met mijn auto naar Oisterwijk.
Zij woont op een rustige plek met haar achtertuin grenzend aan de Voorste Stroom. Je hebt ook nog een beek, die aan de achterkant van het dorp stroomt en die noemt men dan ook de Achterste Stroom. Simpel, geen gedoe: “waarom zoude gij moeilijk doen oals het makkelijk kan?” Zo is het blijkbaar ook gegaan met de benaming van de meest toeristische straat van het dorp: De Lind.
Er staan hier lindebomen …

Nadat ik de auto bij mijn vriendin heb geparkeerd gaan wij lopend op weg. Op ongeveer vijfhonderd meter afstand van het treinstation ligt de voormalige leerfabriek, nu eigendom van de gemeente en geplaatst op de lijst van Rijksmonumenten. In één van de gebouwen heeft Robèrt zijn stek. Jarenlang zetelde hij in het dorp waar ooit zijn opa was begonnen. We openen een deur en komen in de ontvangsthal, waarin je aan de rechterkant naar de lunchroom gaat en aan de linkerkant naar de bakkerij. Via een lange gang, van naar schatting vijftig meter, krijg je hier een goede indruk van dankzij de glazen wand van vloer tot aan plafond. Aan de rechterkant van de gang bevindt zich de buitenmuur met de ramen. Ik zie bakkers deeg kneden terwijl anderen met grote scheppen de broden in de oven leggen. Plots, halverwege zie ik ook Robèrt staan, in wit bakkerstenue en met meel op zijn handen, instructie gevend aan een medewerker. Die kans laat ik niet voorbijgaan en ik zwaai dan ook voor de ruit met mijn mobiel. Robèrt begrijpt de hint en wijst dat ik naar achteren moet lopen. Helemaal achterin bevindt zich zijn winkel en na enkele ogenblikken komt de meester-bakker zelf, met een schaaltje speculaasjes. Na geproefd te hebben, vertel ik hem dat ik een blog schrijf voor het NIVON. Hij knikt begrijpend want natuurvriendenhuis Morgenrood ligt al sinds jaar en dag in Oisterwijk. Zelf respecteert hij ook de natuur getuige zijn wijze van bakken. Zo gebruikt hij geen geur- en smaakstoffen en zelfs geen gist bij het bakken van zijn brood. Ik geef de mobiel aan mijn vriendin en voel plots een gespierde arm om mijn schouders. Er worden drie foto’s gemaakt. Vervolgens strijkt Robèrt over zijn buik en zegt: “ik word te dik dus heb ik twee weken geleden een elektrische fiets aangeschaft, dan krijg ik tenminste nog enige beweging.” Dan roept hij Piet, die speciaal voor de voorlichting is aangetrokken en gaat weer aan het werk. Een aimabele, gulle, kordate man zonder een groot ego. Een bakker van en voor het volk.
Terwijl ik mijn speculaasje verder op eet, geeft Piet deskundig uitleg over het proces van brood bakken. Er blijkt een heel andere bedrijfsvoering nodig te zijn om in plaats van gist met desem te bakken. Robèrt gaat er vanuit dat als je het deeg meer tijd geeft om te rijzen, liefst vierentwintig uur, brood uiteindelijk beter verwerkt kan worden door het menselijk lichaam.

Ik ben inmiddels heel benieuwd hoe zijn brood smaakt en koop, als een verjaarscadeautje voor mijn Italiaanse vriendin, een rond speltbrood dat ik haar de volgende dag geef. Bijna vierentwintig jaren werkt en woont zij inmiddels in Nederland en zoals veel Italiaanse vrouwen kan zij goed koken en bakken. En, is zij ook heel kritisch, bedenk ik mij als ik het speltbrood aan haar geef. Italianen koken, bakken en proeven met al hun zintuigen. Zo kijkt zij eerst, voelt aan het krokante donkerbruine korstje, snuift de geur van het brood op (is het wel echt?) en snijdt vervolgens een snee af die zij onbelegd op eet. Ongelovig kijkt zij mij aan en zegt dan: “heb je dit brood soms uit Italië meegebracht? Het is het lekkerste brood dat ik ooit in Nederland heb gegeten, het lijkt op ons pane di Altamura!”
Ik kan maar één ding concluderen: Robèrt is niet alleen een toffe Brabander, maar bakt ook super tof brood.

Ton Oostveen – 15 april 2017

Website van Ton: tonoostveen.nl