Puglia (1): olijven en echtheid

Ton Oostveen

Vanaf het vliegveld van Brindisi is het nog zestig kilometer rijden naar Palmariggi. Mijn vriendin en ik hebben hier een appartement gehuurd in de olijvengaard van Salvatore, in de Salento streek. Zestig kilometer rijden door een vlak landschap met olijvengaarden en … olijvengaarden. Met hier en daar verdwaalde vijgen- en granaatappelbomen. Dit beeld zal ik de komende veertien dagen dagelijks zien. Puglia is namelijk het grootste productiegebied van olijven in Italië, ongeveer vijfendertig procent van de oogst komt hier vandaan. En de mensen laten zich zien zoals zij zijn!

Zo ook Salvatore, als we aan de poort bellen. Een gespierde, gedrongen gestalte, bezweet, en gekleed in een korte broek en een met zwarte vegen vervuild geel shirt. Hij heeft gewerkt, dat is wel duidelijk. Salvatore begroet ons hartelijk en neemt ons daarbij goed op met levenslustige kraaloogjes. We krijgen een appartement aan de rand van zijn olijfgaard, schoon en compleet. De keukenkastjes zijn gevuld met de eerste levensmiddelen en op tafel staan zalige vruchten van zijn eigen bodem, een fles olijfolie en een fles rode Primitivo wijn. Deze oudst bekende wijn ter wereld komt uit de streek. Wij hebben nu al alle elementen om te proosten op een fijne vakantie!

Na een sober ontbijt tussen de olijfbomen, gaan wij ontspannen aan de kust die hier vijftien kilometer vandaan is. We hebben er zin in, want deze behoort tot de mooiste van Italië! Het kustgebied is heuvelachtiger dan het binnenland, met ruige rotsformaties waarop solitaire pijnbomen prijken en mooie zandstranden. Het is genieten van de warme, kristalheldere zee die geleidelijk afloopt naar dieper water. En er is hier geen massatoerisme. Nu, begin juni laat de thermometer al ruim dertig graden zien en dat stijgt langzaam gedurende onze vakantieperiode. Gelukkig waait regelmatig de tramontane, wind vanuit de bergen, die voor verfrissing zorgt. Dit voelen wij goed op een terrasje in de havenstad Otranto; vanaf hier kijken wij uit op de oude gele muren die de stad vroeger hebben beschermd, onder andere tegen de Turkse aanvallen. Het ruikt hier naar geschiedenis.

We zijn nieuwsgierig naar de olijvencultuur en het leven van de mensen hier. De volgende dag lopen wij dan ook naar het hart van het, vijftienhonderd inwoners tellende, dorp Palmariggi: het dorpsplein.
Aan het keurig geplaveide, vierkante, plein ligt de katholieke kerk met aan de rechterkant de ruïne van een stadstoren uit de 15e eeuw. Verder dan dit plein zullen wij deze middag niet komen.
In de schaduw van de toren zit namelijk een tiental oude mannen op groene banken. Italiaanse mannen zijn geïnteresseerd in vrouwen en de gepensioneerde dorpssmid Domenico ziet in ons verschijnen dan ook een gelegenheid om met zijn ‘veren’ te pronken. Prompt spreekt hij mijn vriendin aan en als hij bemerkt dat zij Italiaanse is kan ik mijn plannen voor de rest van die middag wel vergeten. Zijn verleidingsstrategie is overigens heel origineel. Hij heeft in de oude stadstoren een “museum” ingericht van oude landbouwwerktuigen en die moeten wij beslist zien!

Maar dit is wel mijn eerste gelegenheid om van een insider informatie te krijgen over de olijvencultuur in deze streek. Mijn hart wordt warm als ik zie dat hij door een andere even oude man aan de arm wordt meegenomen omdat hij slecht ter been is.
Domenico steekt van wal: de oorspronkelijke inwoners hadden tachtig à honderd olijfbomen. Ze waren arm, de gevallen olijven gebruikte men als lampenolie. Vijgenbomen waren er volop en daar maakte men dan weer vijgenbrood van. Dat bleef de hele winter eetbaar. Er was ook wijnteelt maar die is nu voornamelijk in de buurt van Lecce, de provinciehoofdstad. De rode kleur die de aarde op verschillende plekken heeft, komt door het ijzer in de grond. Er zijn hier in Italië wettelijk beschermde feesten “La fiera”, zoals bijvoorbeeld het granaatappelfeest in Palmariggi, waar mensen vanuit heel Europa naar toe komen. Hier bestaat nog “mutuo soccorso”, de bereidheid om elkaar te helpen. Na een hartelijk afscheid van Domenico en zijn vriend keren we terug naar ons appartement, dankbaar voor deze rijke ontmoeting.

We gaan mee in het slome levensritme van Salento. We kunnen ook niet anders met de temperatuur die maar blijft stijgen en verheugen ons op de vele interessante dorpen in de omgeving. Dan horen we slecht nieuws op RAI UNO: veertig procent van de olijvenoogst in Puglia zal door droogte mislukken.
Zal onze gepassioneerde olijfboer Salvatore aan de dodendans ontspringen? Over drie dagen heeft hij tijd voor een uitgebreid gesprek.

Ton Oostveen – 14 augustus 2017

Website van Ton: tonoostveen.nl